Geofoxx
  • Over ons
    • Wie is Geofoxx
    • Historie
    • Structuur en cultuur
    • Kwaliteitsborging
    • Duurzaamheid
  • Expertise
    • Expertisegebieden
    • Kennis
  • Nieuws
    • Actueel
    • Magazine
  • Werken bij Geofoxx
  • Contact
    • Adres en contact
    • Schrijf je in voor de nieuwsbrief
  • Zoek
  • Menu Menu

Tag Archief van: bodemonderzoek

Nulsituatie- en eindsituatie bodemonderzoek

16 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

Ga je een activiteit uitvoeren die invloed kan hebben op de bodem? Dan is het belangrijk om vooraf vast te leggen wat de kwaliteit van de bodem is. Zo kan na afloop worden vastgesteld of de bodemkwaliteit is veranderd.

Met een nulsituatie- en eindsituatie bodemonderzoek leg je de bodemkwaliteit vast vóór en na een activiteit. Daarmee ontstaat duidelijkheid over eventuele veranderingen en kunnen discussies over aansprakelijkheid of herstel worden voorkomen.

 

Wanneer is een nulsituatie bodemonderzoek nodig?

Een nulsituatie bodemonderzoek wordt uitgevoerd voordat activiteiten starten die een risico vormen voor de bodem.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • industriële activiteiten;
  • op- en overslag van stoffen;
  • tankinstallaties;
  • tijdelijke bouwplaatsen;
  • vergunningplichtige activiteiten;
  • tijdelijke inrichtingen.

Door de uitgangssituatie vast te leggen ontstaat een betrouwbaar referentiepunt.

 

Wanneer is een eindsituatie bodemonderzoek nodig?

Na beëindiging van een activiteit kan een eindsituatie bodemonderzoek worden uitgevoerd.

Hiermee wordt vastgesteld of de bodemkwaliteit is veranderd ten opzichte van de eerder vastgelegde nulsituatie.

Dat onderzoek kan nodig zijn bij:

  • beëindiging van bedrijfsactiviteiten;
  • oplevering van een locatie;
  • beëindiging van een huur- of erfpachtovereenkomst;
  • intrekking of wijziging van een vergunning;
  • overdracht of verkoop van een terrein.

 

Wat onderzoeken we?

De onderzoeksstrategie wordt afgestemd op de activiteiten die op de locatie plaatsvinden of hebben plaatsgevonden.

Afhankelijk van de situatie onderzoeken we onder andere:

  • de kwaliteit van de bodem;
  • de kwaliteit van het grondwater;
  • stoffen die passen bij de uitgevoerde activiteiten;
  • eventuele veranderingen ten opzichte van eerder onderzoek.

Waar mogelijk sluiten we aan op eerder uitgevoerd bodemonderzoek om ontwikkelingen goed te kunnen vergelijken.

 

Wat leveren de resultaten op?

De resultaten geven inzicht in de bodemkwaliteit vóór en na een activiteit.

Daarmee kan worden vastgesteld:

  • of de bodemkwaliteit is veranderd;
  • of sprake is van een nieuwe verontreiniging;
  • of aanvullende maatregelen nodig zijn;
  • of aan afspraken uit vergunningen of contracten is voldaan.

Dit vormt een objectieve basis voor verdere besluitvorming.

 

Zekerheid voor de toekomst

Een goed uitgevoerd nulsituatie- en eindsituatie bodemonderzoek biedt zekerheid voor bedrijven, grondeigenaren, opdrachtgevers en bevoegd gezagen. Door de bodemkwaliteit zorgvuldig vast te leggen ontstaat een betrouwbare basis om veranderingen te beoordelen en verantwoordelijkheden vast te stellen.

Zo voorkom je discussies achteraf en weet je wat de gevolgen zijn van de activiteiten die op een locatie hebben plaatsgevonden.

Historisch bodemonderzoek 

13 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

Wat heeft er vroeger op een locatie plaatsgevonden? Die vraag vormt vaak de eerste stap van bodemonderzoek.

Een historisch onderzoek, ook wel vooronderzoek genoemd, brengt de geschiedenis van een locatie in kaart. Daarbij onderzoeken we welke activiteiten er hebben plaatsgevonden en of deze invloed kunnen hebben gehad op de bodemkwaliteit. Het onderzoek wordt uitgevoerd volgens de richtlijnen van de NEN 5725, de Nederlandse norm voor vooronderzoek bij bodemonderzoek.

 

Waarom is historisch bodemonderzoek nodig? 
Veel bodemverontreinigingen zijn ontstaan door activiteiten uit het verleden. Denk aan voormalige tankstations, werkplaatsen, chemische wasserijen, stortplaatsen of industriële activiteiten. Ook dempingen, ophogingen en calamiteiten kunnen van invloed zijn op de kwaliteit van de grond en het grondwater.

Door de historie van een locatie te onderzoeken ontstaat inzicht in mogelijke risico’s en aandachtspunten voor het eventueel daarna uit te voeren bodemonderzoek.

Dat voorkomt onnodig onderzoek op plekken waar daar geen aanleiding voor is en zorgt ervoor dat verdachte locaties juist gericht kunnen worden onderzocht.

 

Wat onderzoeken we? 

Bij een historisch bodemonderzoek verzamelen en beoordelen we informatie uit verschillende bronnen, zoals:

  • historische kaarten en luchtfoto’s;
  • archieven en vergunningen;
  • bodeminformatiesystemen van gemeenten en omgevingsdiensten;
  • eerdere bodemonderzoeken;
  • gegevens over voormalige bedrijfsactiviteiten;
  • informatie uit een terreininspectie.

Op basis daarvan brengen we in beeld welke activiteiten mogelijk invloed hebben gehad op de bodemkwaliteit. De werkwijze en informatiebronnen sluiten aan bij de eisen die in de NEN 5725 zijn vastgelegd.

 

De basis voor vervolgonderzoek 

Een historisch bodemonderzoek is vaak de eerste stap binnen een bodemonderzoekstraject. De resultaten bepalen of aanvullend onderzoek nodig is en welke onderzoeksstrategie daarbij past.

Blijkt uit het vooronderzoek dat er geen aanwijzingen zijn voor bodemverontreiniging? Dan kan dat voldoende zijn voor de vraag die voorligt. Zijn er wel aanwijzingen voor mogelijke verontreinigingen of is er te weinig informatie beschikbaar? Dan vormt het historisch onderzoek de basis voor een verkennend bodemonderzoek.

Zo ontstaat een onderzoeksaanpak die aansluit bij de onderzoeksvraag en de locatie.

Nieuwe PFAS-stoffen en opkomende verontreinigingen

13 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

Niet alle milieuvraagstukken zijn al volledig in beeld. Naast bekende stoffen zoals PFAS, asbest en zware metalen komen regelmatig nieuwe stoffen naar voren waarvan de mogelijke effecten op bodem, water en leefomgeving nog worden onderzocht.

Voor overheden, bedrijven en terreinbeheerders betekent dit dat toekomstige risico’s niet altijd zichtbaar zijn binnen de bestaande onderzoeksprogramma’s of regelgeving.

Daarom volgen wij ontwikkelingen rond nieuwe PFAS-verbindingen en andere opkomende verontreinigingen actief en onderzoeken we wat deze stoffen kunnen betekenen voor de leefomgeving.

 

Wat zijn opkomende verontreinigingen?

Opkomende verontreinigingen zijn stoffen waarvan de aanwezigheid, verspreiding of mogelijke effecten steeds beter zichtbaar worden door nieuwe wetenschappelijke inzichten en verbeterde analysetechnieken.

Vaak gaat het om stoffen die al jarenlang worden toegepast, maar waarvan pas later duidelijk wordt hoe ze zich gedragen in bodem, water en ecosystemen.

Voorbeelden zijn:

  • nieuwe PFAS-verbindingen;
  • ultrakorte PFAS, zoals TFA (trifluorazijnzuur);
  • 6PPD-quinone uit bandenslijtage;
  • microplastics;
  • gebromeerde brandvertragers;
  • resten van geneesmiddelen;
  • stoffen uit industriële processen of consumentenproducten.

 

Waarom krijgen deze stoffen aandacht?

Veel van deze stoffen zijn ontwikkeld omdat ze technisch goed functioneren. De gevolgen voor bodem, water en ecosystemen worden soms pas zichtbaar nadat een stof jarenlang is gebruikt.

Daarnaast kunnen nieuwe analysetechnieken stoffen aantonen die voorheen niet of nauwelijks meetbaar waren.

Daardoor ontstaan nieuwe vragen:

  • Waar komen deze stoffen voor?
  • Hoe verspreiden ze zich?
  • Breken ze af in het milieu?
  • Wat betekenen ze voor mens, dier en ecosysteem?
  • Zijn bestaande normen en beoordelingskaders nog toereikend?

 

Nieuwe PFAS-stoffen

PFAS bestaat uit duizenden verschillende verbindingen. Slechts een beperkt deel daarvan wordt momenteel routinematig onderzocht.

Tegelijkertijd komen steeds vaker nieuwe PFAS-verbindingen in beeld. Ook verschuift de aandacht naar stoffen die ontstaan als afbraakproduct van andere PFAS-verbindingen of die voorheen nauwelijks werden onderzocht.

Hierdoor groeit de behoefte aan onderzoek naar:

  • nieuwe PFAS-verbindingen;
  • afbraakproducten van PFAS;
  • ultrakorte PFAS;
  • verspreiding in bodem en grondwater;
  • effecten op waterkwaliteit en leefomgeving.

 

Onderzoek en kennisontwikkeling

Bij opkomende verontreinigingen zijn antwoorden niet altijd direct beschikbaar. Juist daarom is onderzoek belangrijk.

Wij combineren veldonderzoek, laboratoriumanalyses, literatuuronderzoek en kennis van bodem- en watersystemen om inzicht te krijgen in het gedrag van nieuwe stoffen.

Daarbij kijken we niet alleen naar concentraties, maar ook naar mogelijke bronnen, verspreidingsroutes en gevolgen voor de leefomgeving.

 

Vooruitkijken in plaats van achteraf reageren

Nieuwe milieuvraagstukken ontstaan vaak geleidelijk. Wat vandaag nog een onderzoeksvraag is, kan morgen invloed hebben op beleid, vergunningen, grondstromen of gebiedsontwikkelingen.

Door ontwikkelingen vroegtijdig te volgen ontstaat meer inzicht in mogelijke risico’s en kunnen keuzes beter worden voorbereid.

Dat geldt voor nieuwe PFAS-verbindingen, maar ook voor andere stoffen die invloed kunnen hebben op bodem, water, biodiversiteit en gezondheid.

 

Kennis van de leefomgeving van morgen

Een gezonde leefomgeving vraagt niet alleen aandacht voor bekende verontreinigingen, maar ook voor stoffen die nu nog in ontwikkeling zijn als milieuvraagstuk.

Door nieuwe verontreinigingen te signaleren, te onderzoeken en in hun maatschappelijke context te plaatsen, ontstaat kennis die helpt om toekomstige keuzes beter te onderbouwen.

Zo werken we niet alleen aan de vraagstukken van vandaag, maar ook aan die van morgen.

6PPD en 6PPD-quinone

13 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

Banden slijten continu. Daarbij komen kleine deeltjes vrij die via regenwater, bermen, wegen en rioleringen in de leefomgeving terechtkomen. Eén van de stoffen die hierbij aandacht krijgt, is 6PPD en het afbraakproduct daarvan: 6PPD-quinone.

De afgelopen jaren is internationaal steeds meer onderzoek gedaan naar deze stof. Daarbij is gebleken dat 6PPD-quinone schadelijke effecten kan hebben op waterorganismen. Ook groeit de aandacht voor de aanwezigheid van deze stof in bodem, water en stedelijke afstromingssystemen.

 

Wat is 6PPD?

6PPD is een stof die wordt toegevoegd aan autobanden om veroudering door zuurstof en ozon tegen te gaan. Hierdoor gaan banden langer mee en blijven ze veilig in gebruik.

Tijdens het gebruik van voertuigen slijten banden voortdurend. Daarbij komen bandendeeltjes vrij die in de omgeving terechtkomen.

Wanneer 6PPD in contact komt met ozon in de lucht, kan het worden omgezet in 6PPD-quinone.

 

Waarom krijgt 6PPD-quinone aandacht?

Uit internationaal onderzoek blijkt dat 6PPD-quinone schadelijk kan zijn voor verschillende waterorganismen. Daardoor groeit wereldwijd de aandacht voor de aanwezigheid en verspreiding van deze stof in het milieu.

Omdat verkeer overal voorkomt, kan de stof via afstromend regenwater op veel plaatsen in de leefomgeving terechtkomen.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • wegen en parkeerterreinen;
  • bermen;
  • wadi’s en infiltratievoorzieningen;
  • oppervlaktewater;
  • waterbodems;
  • stedelijke afwateringssystemen.

Hierdoor ontstaat steeds meer belangstelling voor de rol van deze stof binnen vraagstukken rondom bodem, waterkwaliteit en klimaatadaptatie.

 

Wat onderzoeken we?

6PPD-quinone is een relatief nieuw aandachtspunt binnen milieuonderzoek. Daardoor is nog niet altijd duidelijk waar de grootste risico’s liggen en hoe de stof zich precies gedraagt in verschillende onderdelen van de leefomgeving.

Onderzoek kan zich richten op:

  • de aanwezigheid van 6PPD-quinone in bodem of water;
  • mogelijke bronnen en verspreidingsroutes;
  • concentraties in stedelijke gebieden;
  • effecten op bodem- en watersystemen;
  • de relatie met afstromend regenwater en verkeer.

Door onderzoeksgegevens te combineren met kennis van bodem, water en ruimtelijke inrichting ontstaat een beter beeld van de mogelijke risico’s en aandachtspunten.

 

Een nieuwe generatie milieuvraagstukken

6PPD-quinone laat zien dat nieuwe milieuvraagstukken vaak ontstaan op plekken waar verschillende systemen samenkomen.

Verkeer, waterbeheer, klimaatadaptatie, bodemkwaliteit en ecologie zijn daarbij nauw met elkaar verbonden. Een stof die vrijkomt uit banden kan uiteindelijk invloed hebben op waterkwaliteit, biodiversiteit en de inrichting van de leefomgeving.

Daarom vraagt dit soort vraagstukken om een brede blik waarbij bodem, water en ecologie samen worden beschouwd.

 

Kennis ontwikkelen voor de leefomgeving van morgen

Voor veel opkomende stoffen bestaan nog geen uitgewerkte beleidskaders of standaardoplossingen. Juist daarom is onderzoek belangrijk.

Door nieuwe stoffen vroegtijdig te signaleren en hun gedrag in bodem- en watersystemen te onderzoeken, ontstaat inzicht dat helpt bij toekomstige keuzes voor inrichting, beheer en bescherming van de leefomgeving.

6PPD-quinone is daar een actueel voorbeeld van.

PFAS in grondwater

13 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

PFAS wordt vaak geassocieerd met bodemverontreiniging. Maar veel PFAS-verbindingen kunnen zich ook via het grondwater verspreiden. Daardoor kan een verontreiniging zich buiten de oorspronkelijke bronlocatie bevinden en gevolgen hebben voor ontwikkelingen, saneringen en waterbeheer.

Onderzoek naar PFAS in grondwater geeft inzicht in de aanwezigheid, verspreiding en mogelijke gevolgen van PFAS voor een locatie en haar omgeving.

 

Waarom is PFAS in grondwater relevant?

Grondwater speelt een belangrijke rol in de leefomgeving. Het beïnvloedt natuur, oppervlaktewater, drinkwaterwinning, landbouw en bouwprojecten.

Wanneer PFAS in het grondwater aanwezig is, kunnen vragen ontstaan zoals:

  • Heeft de verontreiniging zich verspreid?
  • Wat betekent dit voor een bouw- of infraproject?
  • Zijn er gevolgen voor bemaling?
  • Kan grondwater worden onttrokken of geïnfiltreerd?
  • Heeft de verontreiniging invloed op omliggende gebieden?

Om deze vragen te beantwoorden is inzicht nodig in zowel de concentraties als het gedrag van PFAS in de ondergrond.

 

Wanneer is onderzoek nodig?

Onderzoek naar PFAS in grondwater wordt vaak uitgevoerd bij:

  • bodemonderzoeken op verdachte locaties;
  • saneringsvraagstukken;
  • gebiedsontwikkelingen;
  • bemalingsprojecten;
  • industriële locaties;
  • voormalige brandweeroefenterreinen;
  • locaties waar PFAS-houdende stoffen zijn toegepast of verwerkt.

Ook wanneer PFAS in de bodem wordt aangetroffen, kan aanvullend onderzoek van het grondwater noodzakelijk zijn.

 

Wat onderzoeken we?

Bij een grondwateronderzoek brengen we in beeld:

  • welke PFAS-verbindingen aanwezig zijn;
  • in welke concentraties deze voorkomen;
  • hoe de verontreiniging zich heeft verspreid;
  • welke verspreidingsroutes mogelijk zijn;
  • welke risico’s of beperkingen relevant zijn voor de locatie.

Wanneer nodig combineren we onderzoeksgegevens met kennis van bodemopbouw, grondwaterstroming en gebiedskenmerken.

 

PFAS gedraagt zich anders dan veel andere stoffen

PFAS vormt een bijzondere groep verontreinigingen. Verschillende PFAS-verbindingen gedragen zich verschillend in bodem en grondwater. Sommige stoffen verplaatsen zich relatief gemakkelijk met het grondwater, terwijl andere sterker aan de bodem binden.

Daardoor vraagt onderzoek naar PFAS vaak om een bredere beoordeling dan alleen de gemeten concentraties.

Wij kijken daarom niet alleen naar waar PFAS aanwezig is, maar ook naar hoe de verontreiniging zich kan gedragen binnen het bodem- en watersysteem.

 

Wat betekenen de resultaten?

De aanwezigheid van PFAS in grondwater betekent niet automatisch dat maatregelen noodzakelijk zijn.

Wel kunnen de resultaten gevolgen hebben voor:

  • bemalingen;
  • infiltratievoorzieningen;
  • gebiedsontwikkelingen;
  • saneringsstrategieën;
  • vergunningen en meldingen;
  • toekomstige gebruiksmogelijkheden van een locatie.

Daarom vertalen we onderzoeksresultaten naar de praktische gevolgen voor een project of gebied.

 

Van meting naar inzicht

PFAS in grondwater is meer dan een analyseresultaat. De werkelijke vraag is wat de aanwezigheid van PFAS betekent voor de keuzes die je moet maken.

Door onderzoeksresultaten te combineren met kennis van grondwaterstroming, bodemopbouw, regelgeving en gebiedsontwikkeling ontstaat inzicht in risico’s, mogelijkheden en vervolgstappen.

Zo wordt duidelijk wat de aanwezigheid van PFAS betekent voor jouw locatie, nu en in de toekomst.

PFAS in de bodem

13 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

PFAS in de bodem onderzoeken is voor veel opdrachtgevers geen doel op zich, maar een factor die invloed heeft op de uitvoerbaarheid van een project. De aanwezigheid van PFAS kan gevolgen hebben voor bouwplannen, gebiedsontwikkelingen, grondverzet, vergunningprocedures en de herbruikbaarheid van vrijkomende grond. Wat op het eerste gezicht een geschikte locatie lijkt, kan door PFAS toch te maken krijgen met beperkingen, extra onderzoek of hogere uitvoeringskosten.

Daarom draait PFAS-onderzoek niet alleen om de vraag óf PFAS aanwezig is, maar vooral om wat dit betekent voor jouw project. Kun je de ontwikkeling uitvoeren zoals gepland? Is grond herbruikbaar? Zijn aanvullende maatregelen nodig? Tijdig inzicht in deze vragen helpt om risico’s te beheersen en vertragingen te voorkomen.

 

Wat is PFAS?

PFAS is een verzamelnaam voor duizenden chemische stoffen die sinds de jaren vijftig worden toegepast in uiteenlopende producten en industriële processen. Door hun water-, vet- en vuilafstotende eigenschappen zijn PFAS-verbindingen gebruikt in onder andere brandblusschuim, coatings, verpakkingen, industriële toepassingen en consumentenproducten.

Veel PFAS-verbindingen breken nauwelijks af in het milieu. Daardoor kunnen ze langdurig aanwezig blijven in bodem, grondwater, oppervlaktewater en waterbodems.

 

Hoe komt PFAS in de bodem terecht?

PFAS kan op verschillende manieren in de bodem terechtkomen.

Bekende bronnen zijn:

  • industriële activiteiten;
  • brandweeroefenterreinen;
  • het gebruik van PFAS-houdend blusschuim;
  • afvalstromen en emissies;
  • diffuse verspreiding via lucht en water;
  • toepassingen van PFAS-houdende producten.

Daardoor kan PFAS zowel lokaal als verspreid over grotere gebieden voorkomen.

 

Wanneer is PFAS-onderzoek nodig?

PFAS-onderzoek wordt vaak uitgevoerd wanneer de bodemkwaliteit invloed kan hebben op de voortgang of uitvoerbaarheid van een project.

Dat is bijvoorbeeld het geval bij:

  • woningbouw- en gebiedsontwikkelingen;
  • infrastructurele projecten;
  • grondverzet;
  • saneringen;
  • aankoop of verkoop van locaties;
  • herontwikkeling van bedrijfsterreinen;
  • vergunningprocedures.

Ook wanneer grond vrijkomt, wordt afgevoerd of elders moet worden toegepast, kan aanvullend PFAS-onderzoek noodzakelijk zijn om de mogelijkheden voor hergebruik vast te stellen.

 

Wat onderzoeken we?

Bij een PFAS-onderzoek brengen we in beeld:

  • welke PFAS-verbindingen aanwezig zijn;
  • in welke concentraties deze voorkomen;
  • hoe de verontreiniging is verspreid;
  • welke gevolgen dit heeft voor de locatie;
  • welke aandachtspunten relevant zijn voor de verdere ontwikkeling van een project.

Afhankelijk van de situatie kan aanvullend onderzoek naar grondwater, waterbodems of grondstromen nodig zijn.

 

Wat betekenen de resultaten?

De aanwezigheid van PFAS betekent niet automatisch dat een locatie ongeschikt is voor gebruik of ontwikkeling.

Wel kunnen de resultaten gevolgen hebben voor:

  • grondverzet;
  • hergebruik van vrijkomende grond;
  • vergunningen en meldingen;
  • uitvoeringskosten;
  • projectplanning;
  • toekomstige gebruiksfuncties.

Daarom kijken we niet alleen naar de gemeten waarden, maar vooral naar de praktische consequenties voor het project. Welke risico’s zijn er? Welke mogelijkheden blijven beschikbaar? En welke vervolgstappen zijn nodig om het project uitvoerbaar te houden?

 

PFAS is meer dan een bodemvraagstuk

PFAS beperkt zich niet tot de bodem alleen. De stoffen kunnen zich ook verspreiden via grondwater, oppervlaktewater en grondstromen.

Daarom kijken we waar nodig naar het volledige bodem- en watersysteem. Zo ontstaat niet alleen inzicht in de aanwezigheid van PFAS, maar ook in de mogelijke gevolgen voor grondstromen, waterkwaliteit, vergunningen en toekomstige ontwikkelingen.

 

Meer over PFAS

PFAS raakt verschillende onderdelen van bodem- en waterbeheer. Daarom hebben we aanvullende kennispagina’s ontwikkeld over specifieke PFAS-vraagstukken:

  • PFAS in grondwater
  • PFAS bij grondverzet
  • Nieuwe PFAS-stoffen en opkomende verontreinigingen
  • 6PPD en 6PPD-quinone

Zo krijg je niet alleen inzicht in de aanwezigheid van PFAS, maar ook in de gevolgen voor grondstromen, waterkwaliteit en de ontwikkeling van jouw locatie.

 

Van onderzoeksresultaat naar handelingsperspectief

Een PFAS-onderzoek levert pas waarde op wanneer duidelijk is wat de resultaten betekenen voor de keuzes die je moet maken.

Kan een ontwikkeling doorgaan? Is grond herbruikbaar? Zijn aanvullende onderzoeken nodig? Welke gevolgen heeft PFAS voor planning, kosten en vergunningen? En welke mogelijkheden zijn er binnen de geldende regels?

Door onderzoeksresultaten te combineren met kennis van bodemkwaliteit, grondstromen, regelgeving en gebiedsontwikkeling ontstaat een onderbouwd beeld van de risico’s, mogelijkheden en vervolgstappen voor jouw locatie. Zo wordt PFAS niet alleen een onderzoeksresultaat, maar een concreet handelingsperspectief voor de uitvoering van jouw project.

 

 

Nieuwe verontreinigingen in bodem en water

13 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

Niet alle nieuwe verontreinigingen in bodem en water zijn volledig in beeld.

Naast bekende stoffen zoals zware metalen, minerale olie en asbest groeit de aandacht voor nieuwe stoffen die steeds vaker worden aangetroffen in bodem, grondwater, oppervlaktewater en waterbodems. Vaak zijn deze stoffen al jarenlang aanwezig in onze leefomgeving, maar zorgen nieuwe analysetechnieken en wetenschappelijke inzichten ervoor dat hun aanwezigheid en mogelijke effecten beter zichtbaar worden.

Voor overheden, ontwikkelaars, bedrijven en terreinbeheerders roept dat nieuwe vragen op. Wat betekenen deze stoffen voor bodemkwaliteit, waterbeheer, grondverzet en gebiedsontwikkeling? En hoe ga je om met stoffen waarvoor beleid en regelgeving nog in ontwikkeling zijn?

 

Waarom krijgen deze stoffen steeds meer aandacht?

Veel nieuwe verontreinigingen zijn het gevolg van dagelijkse activiteiten.

Ze komen bijvoorbeeld vrij uit verkeer, industriële processen, consumentenproducten, gewasbeschermingsmiddelen of bouwmaterialen. Via regenwater, afstroming, emissies of gebruik verspreiden deze stoffen zich door de leefomgeving.

Tegelijkertijd worden laboratoriumtechnieken steeds gevoeliger. Daardoor kunnen stoffen worden aangetoond die enkele jaren geleden nog niet of nauwelijks meetbaar waren.

Dat leidt tot nieuwe vragen over verspreiding, risico’s, regelgeving en beheer.

 

Van signaleren naar begrijpen

Bij opkomende verontreinigingen gaat het niet alleen om meten.

Minstens zo belangrijk is het begrijpen van:

  • waar stoffen vandaan komen;
  • hoe zij zich gedragen in bodem en water;
  • welke risico’s kunnen ontstaan;
  • welke gevolgen er zijn voor projecten en grondstromen;
  • welke ontwikkelingen relevant kunnen worden voor toekomstig beleid.

Door onderzoek, monitoring en kennisontwikkeling ontstaat een steeds beter beeld van deze nieuwe milieuvraagstukken.

 

Nieuwe verontreinigingen:

PFAS in de bodem

PFAS is voor veel opdrachtgevers geen doel op zich, maar een factor die invloed heeft op de uitvoerbaarheid van een project. De aanwezigheid van PFAS kan gevolgen hebben voor bouwplannen, gebiedsontwikkelingen, grondverzet, vergunningprocedures en de herbruikbaarheid van vrijkomende grond.

PFAS in grondwater

PFAS kan zich via grondwater verspreiden en daardoor invloed hebben op ontwikkelingen, saneringen, bemalingen en waterbeheer. Deze pagina gaat in op de aanwezigheid en verspreiding van PFAS in grondwatersystemen.

PFAS bij grondverzet

PFAS kan grote gevolgen hebben voor het hergebruik, transport en de toepassing van vrijkomende grond. Op deze pagina lees je hoe PFAS invloed heeft op grondstromen en welke mogelijkheden er zijn binnen projecten.

6PPD en 6PPD-quinone

Bandenslijtage zorgt voor de verspreiding van stoffen die steeds meer aandacht krijgen binnen bodem- en wateronderzoek. 6PPD is een stof die aan banden wordt toegevoegd om slijtage tegen te gaan. Deze pagina gaat in op de herkomst, verspreiding en mogelijke effecten van 6PPD en 6PPD-quinone.

Microplastics in bodem en water

Microplastics worden steeds vaker aangetroffen in bodem, grondwater, oppervlaktewater, waterbodems en sediment. Op deze pagina lees je meer over de herkomst, verspreiding en mogelijke effecten van microplastics en hun rol binnen bodem-, water- en ecosystemen.

Nieuwe PFAS-stoffen en opkomende verontreinigingen

PFAS bestaat uit duizenden verbindingen waarover we nog heel weinig weten. Door wereldwijd onderzoek komen steeds meer nieuwe stoffen en afbraakproducten in beeld. Op deze pagina lees je hoe nieuwe verontreinigingen worden onderzocht en beoordeeld.

 

De milieuvraagstukken van morgen

Nieuwe verontreinigingen laten zien dat bodem, water, ecologie en menselijke activiteiten onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.

Door ontwikkelingen vroegtijdig te signaleren en te onderzoeken ontstaat inzicht dat helpt bij toekomstige keuzes voor inrichting, beheer en bescherming van de leefomgeving.

Zo werken we niet alleen aan de vraagstukken van vandaag, maar ook aan die van morgen.

Grondverzet

10 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

Bij bouw-, infra- en gebiedsontwikkelingsprojecten komt vaak grond (of baggerspecie) vrij. Die grond wil je het liefst opnieuw gebruiken, binnen of buiten het project. Maar voordat dat kan, moet duidelijk zijn welke kwaliteit de grond heeft en welke regels van toepassing zijn.

Grondverzet gaat over het ontgraven, verplaatsen, toepassen en hergebruiken van grond. Daarbij spelen bodemkwaliteit, wet- en regelgeving, planning en uitvoerbaarheid een belangrijke rol.

 

Wanneer krijg je te maken met grondverzet?

Grondverzet speelt onder andere bij:

  • woningbouwprojecten;
  • aanleg of reconstructie van infrastructuur;
  • bedrijventerreinen;
  • water- en klimaatprojecten;
  • natuurontwikkeling
  • aanleg van kabels en leidingen;
  • bodemsaneringen;
  • herinrichting van de openbare ruimte.

Zodra grond vrijkomt of wordt toegepast, moet worden beoordeeld welke mogelijkheden er zijn voor hergebruik en welke voorwaarden daarbij gelden.

 

Welke informatie is nodig?

Om te bepalen wat mogelijk is met vrijkomende grond, is inzicht nodig in de kwaliteit van de bodem.

Afhankelijk van de situatie kan dat bestaan uit:

  • historisch bodemonderzoek;
  • verkennend bodemonderzoek;
  • PFAS-onderzoek;
  • partijkeuringen;
  • waterbodemonderzoek;
  • onderzoek naar asbest in de bodem.

De benodigde onderzoeken hangen af van de herkomst van de grond, de hoeveelheid en de locatie waar de grond wordt toegepast.

 

Hergebruik als uitgangspunt

Grond kan een waardevolle grondstof zijn. Daarom kijken we altijd eerst naar de mogelijkheden voor verantwoord hergebruik.
Hergebruik binnen hetzelfde project of binnen de regio kan transportbewegingen beperken, kosten verlagen en bijdragen aan een circulaire omgang met grondstoffen.
Daarbij is het belangrijk dat de kwaliteit van de grond past bij de locatie waar deze wordt toegepast.

 

Wat betekenen de regels voor jouw project?

Wet- en regelgeving rondom grondverzet is voortdurend in ontwikkeling. Daarbij spelen onder andere de bodemkwaliteit, toepassingslocatie, milieubelasting en meldings- en informatieplichten een rol.

De praktische vragen zijn vaak:

  • Mag de grond worden hergebruikt?
  • Waar mag de grond worden toegepast?
  • Is aanvullend onderzoek nodig?
  • Zijn meldingen of vergunningen vereist?
  • Wat betekent dit voor planning en kosten?

Door deze vragen vroegtijdig te beantwoorden voorkom je vertraging tijdens de uitvoering.

 

Meer dan bodemkwaliteit: is de bodem ook geschikt?

Bij grondverzet draait het niet alleen om wat volgens de regels mag. Minstens zo belangrijk is de vraag of de bodem geschikt is voor de functie die zij moet vervullen.

Een bodem kan voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen, maar daarmee is nog niet automatisch sprake van een goed functionerende bodem. Daarom kijken we ook naar eigenschappen die bepalend zijn voor het toekomstige gebruik van een locatie.

Denk bijvoorbeeld aan vragen als:

  • Kan deze grond bijdragen aan een klimaatbestendige wijk?
  • Is de bodem geschikt voor bomen, groenvoorzieningen of stedelijke natuur?
  • Welke rol speelt het gehalte aan organische stof voor de toekomstige functie?
  • Wat is de civieltechnische kwaliteit (zand voor zandbed of ophoging) en daarmee de verdichtingsmogelijkheden en de doorlaatbaarheid
  • Hoe voorkom je bodemverdichting tijdens de uitvoering van het werk?

Door bodemgeschiktheid mee te nemen in het grondverzet ontstaan oplossingen die niet alleen voldoen aan wet- en regelgeving, maar ook bijdragen aan een duurzame en toekomstbestendige inrichting van de leefomgeving.

 

Van grondstroom naar gebiedsopgave

Grondverzet gaat niet alleen over het verplaatsen van grond van A naar B. De keuzes die je maakt hebben invloed op kosten, duurzaamheid, transportbewegingen en de kwaliteit van de leefomgeving.

Daarom kijken we verder dan de afzonderlijke partij grond. We brengen de mogelijkheden voor hergebruik, verwerking en toepassing in beeld en zoeken naar oplossingen die passen binnen het project én de omgeving.

Zo ontstaat een aanpak waarbij bodemkwaliteit, bodemgeschiktheid, uitvoerbaarheid en circulair handelen samenkomen.

Partijkeuringen

10 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

Grond, baggerspecie of bouwstoffen die vrijkomen bij werkzaamheden vertegenwoordigen vaak positieve, dan wel negatieve waarde. Maar voordat deze materialen kunnen worden toegepast of afgevoerd, moet duidelijk zijn welke kwaliteit ze hebben.

Met een partijkeuring wordt vastgesteld wat de milieuhygiënische kwaliteit is van een partij grond, baggerspecie of bouwstof. De resultaten bepalen welke mogelijkheden er zijn voor hergebruik, toepassing of verwerking.

 

Wanneer is een partijkeuring nodig?

Een partijkeuring wordt vaak uitgevoerd wanneer:

  • grond vrijkomt bij bouw- of infraprojecten;
  • grond moet worden afgevoerd;
  • grond elders wordt toegepast;
  • baggerspecie vrijkomt bij werkzaamheden;
  • de kwaliteit van een partij onbekend is;
  • een partij grond wordt verhandeld.

Een partijkeuring geeft duidelijkheid over de toepassingsmogelijkheden van een partij en voorkomt discussie tijdens uitvoering of transport.

 

Wat onderzoeken we?

Bij een partijkeuring onderzoeken we de kwaliteit van een afgebakende partij materiaal.

Afhankelijk van de situatie kan het gaan om:

  • grond;
  • baggerspecie;
  • bouwstoffen;
  • partijen afkomstig uit ontgravingen;
  • tijdelijke gronddepots.

Monsters worden genomen volgens de geldende richtlijnen en geanalyseerd door een onafhankelijk laboratorium.

 

Wat leveren de resultaten op?

De resultaten maken duidelijk welke kwaliteit een partij heeft en onder welke voorwaarden deze kan worden toegepast, hergebruikt of verwerkt.

Daarmee ontstaat inzicht in vragen zoals:

  • Kan de grond binnen het project worden hergebruikt?
  • Kan de partij elders worden toegepast?
  • Zijn er beperkingen voor transport of verwerking?
  • Welke milieuhygiënische klasse is van toepassing?
  • Welke vervolgstappen zijn nodig?

 

Hergebruik waar mogelijk

Binnen veel projecten ontstaat de wens om grond en materialen zo veel mogelijk opnieuw te gebruiken.

Dat levert niet alleen voordelen op voor kosten en logistiek, maar draagt ook bij aan een circulaire omgang met grondstoffen. Een partijkeuring maakt inzichtelijk welke mogelijkheden hiervoor bestaan en welke randvoorwaarden daarbij gelden.

Daarom kijken we niet alleen naar de analyseresultaten, maar ook naar de praktische toepassingsmogelijkheden binnen een project of gebiedsontwikkeling.

 

De basis voor verantwoorde grondstromen

Een goed uitgevoerde partijkeuring geeft zekerheid over de kwaliteit van een partij en voorkomt verrassingen tijdens uitvoering, transport of toepassing.

Doordat onze adviseurs kwaliteit, regelgeving en toepassingsmogelijkheden beoordelen ontstaat een onderbouwde basis voor verantwoorde keuzes rondom grondstromen en hergebruik.

als de data over microplastics nog geen antwoord geeft_Geofoxx

Microplastics in de bodem: wat als onderzoek geen antwoord geeft?

3 juli 2026/in Nieuws/door KarinSmulders

Je wilt weten waar microplastics in de bodem vandaan komen. Welke stoffen samen voorkomen. En welke maatregelen het meeste effect hebben.

Daarvoor heb je data nodig. Veel data.

 

Maar wat als die data er wel is, terwijl je er nog geen betrouwbare conclusies uit kunt trekken?

Dat was de vraag vanuit de gemeente Arnhem waar stagiair Kai van Bockel zich de afgelopen maanden mee bezighield. Als student Watermanagement aan de Hogeschool Rotterdam onderzocht hij bij Geofoxx of er een verband bestaat tussen microplastics en ftalaten in de bodem en het watersysteem van Arnhem. Kai kreeg alle medewerking van de gemeenten Arnhem en toegang tot alle informatie die hij nodig had voor zijn onderzoek.

De uitkomst bleek anders dan vooraf verwacht omdat het onderzoek blootlegde waar de huidige grenzen van de beschikbare data liggen.

 

Jaren aan onderzoeksgegevens, maar geen totaaloverzicht

Sinds 2022 wordt in Arnhem onderzoek gedaan naar microplastics. Verspreid over verschillende projecten zijn monsters genomen van grond, grondwater, slib en oppervlaktewater.

Daardoor is in enkele jaren tijd een waardevolle hoeveelheid onderzoeksgegevens ontstaan. Tegelijkertijd bleek die informatie verspreid te staan over rapporten, projectmappen en laboratoriumbestanden. Wie gegevens uit meerdere onderzoeken wilde vergelijken, moest telkens opnieuw zoeken, ordenen en interpreteren.

Hier lag de eerste uitdaging van Kai.

Hij ontwikkelde een database waarin gegevens uit verschillende onderzoeken samenkomen en op een uniforme manier worden opgeslagen. Dat klinkt eenvoudiger dan het is. Laboratoria gebruiken namelijk verschillende rapportagevormen, detectielimieten en analysemethoden. Soms verschillen rapportages zelfs binnen hetzelfde laboratorium.

 

“Je kunt een tabel uit een rapport niet zomaar in een database zetten. Eerst moet je zorgen dat alle data op dezelfde manier wordt verwerkt.”

 

De database maakt het mogelijk om onderzoeksgegevens uit meerdere projecten naast elkaar te zetten en sneller patronen te herkennen. Daarmee ontstaat een fundament waarop toekomstig onderzoek kan voortbouwen.

 

Een logische hypothese die nog niet bewezen kan worden

Nadat de data was samengebracht, richtte Kai zich op de centrale onderzoeksvraag.

Binnen het Arnhemse onderzoek worden autobanden gezien als een belangrijke bron van microplastics. Uit eerdere studies is bekend dat autobanden ook bepaalde ftalaten bevatten. De verwachting was daarom dat beide stoffen mogelijk samen voorkomen.

Dat klinkt logisch.

Toch bleek het aantonen van zo’n verband veel ingewikkelder dan gedacht.

Uit de analyses kwam geen aantoonbare correlatie tussen individuele microplastics en ftalaten naar voren.

Dit betekent niet dat er geen relatie bestaat. Het betekent dat de huidige dataset onvoldoende basis biedt om die relatie statistisch te onderbouwen.

En dit inzicht maakt het onderzoek waardevol.

 

Waarom meer data niet automatisch leidt tot betere onderzoeksresultaten

Tijdens het onderzoek werd duidelijk hoe kwetsbaar conclusies kunnen zijn wanneer de onderliggende data beperkingen heeft.

Veel meetwaarden blijken onder de detectielimiet van het laboratorium te liggen. Daardoor is bekend dat een stof aanwezig kan zijn, maar niet hoeveel er daadwerkelijk aanwezig is. Ook verschillen detectiegrenzen en onzekerheidsmarges tussen analyses.

Daarnaast zijn niet alle locaties op dezelfde parameters onderzocht. Wanneer datasets worden gecombineerd, blijven uiteindelijk slechts enkele locaties over die volledig vergelijkbaar zijn.

Voor correlatieonderzoek is dit een probleem.

Ook ontbreken gegevens die mogelijk veel invloed hebben op de resultaten. Denk aan de grootte en vorm van microplastics, maar ook aan de geschiedenis van een locatie. Is de bodem recent vergraven? Is sprake van een park, woonwijk of infiltratievoorziening? Zulke verschillen kunnen bepalend zijn voor de aanwezigheid en verspreiding van stoffen.

Het onderzoek laat daarmee zien dat de betrouwbaarheid van conclusies niet alleen afhangt van het aantal metingen, maar vooral van de kwaliteit en vergelijkbaarheid van de gegevens.

 

Wat betekent dit voor opdrachtgevers?

De belangstelling voor microplastics groeit snel. Gemeenten, waterschappen en andere terreinbeheerders willen begrijpen waar stoffen vandaan komen, hoe ze zich verspreiden en welke risico’s daarbij horen.

Dat is begrijpelijk.

Tegelijkertijd laat het onderzoek zien dat het vakgebied zich nog volop ontwikkelt. Onderzoeksmethoden worden verfijnd, analysetechnieken verbeteren en nieuwe kennis komt voortdurend beschikbaar.

Voor opdrachtgevers betekent dit dat voorzichtigheid nodig blijft bij het interpreteren van resultaten. Een kaart met meetwaarden lijkt soms veel zekerheid te geven, terwijl achter die cijfers nog grote verschillen in meetmethoden, detectielimieten en betrouwbaarheid kunnen schuilgaan.

Daarom is het belangrijk om niet alleen naar de uitkomst van een onderzoek te kijken, maar ook naar de kwaliteit van de data waarop die uitkomst is gebaseerd.

 

Van onderzoeksresultaten naar een verhaal dat begrijpelijk wordt

Naast de database ontwikkelde Kai een interactieve StoryMap waarin de onderzoeksgegevens visueel worden gepresenteerd.

Onderzoekslocaties, gemeten concentraties en normoverschrijdingen zijn daarin direct zichtbaar. Gebruikers kunnen inzoomen op locaties en zien welke gegevens beschikbaar zijn en hoe deze zich tot elkaar verhouden.

Voor de gemeente Arnhem biedt dit meer dan alleen een overzichtskaart.

De StoryMap maakt zichtbaar waar verhoogde gehalten zijn gemeten, waar kennis nog ontbreekt en welke locaties interessant zijn voor vervolgonderzoek. Daarmee wordt onderzoeksinformatie toegankelijker voor beleidsmakers, projectleiders en andere betrokkenen die niet dagelijks met datasets werken.

 

De belangrijkste uitkomst van het microplasticsonderzoek

De grootste opbrengst van dit stageonderzoek is niet een aangetoonde correlatie.

Het onderzoek maakt duidelijk welke stappen nog nodig zijn voordat zulke conclusies verantwoord getrokken kunnen worden. Meer meetlocaties, betere standaardisatie van analyses, lagere detectielimieten en meer aandacht voor locatiekenmerken zijn belangrijke voorwaarden.

Tegelijkertijd heeft het onderzoek iets anders opgeleverd: een centrale database, een interactieve StoryMap en een beter inzicht in de sterke en zwakke punten van de huidige onderzoeksgegevens.

Dit helpt niet alleen bij toekomstig onderzoek in Arnhem, maar ook bij de bredere vraag hoe we microplastics in bodem en water beter kunnen begrijpen.

“En soms is dat inzicht waardevoller dan het antwoord waar je naar op zoek was.”

 

Wat kun je concluderen als onderzoeksdata geen antwoord geeft?

Wanneer onderzoeksdata onvoldoende vergelijkbaar of volledig is, kunnen geen betrouwbare statistische conclusies worden getrokken. Dat betekent niet dat er geen verband bestaat, maar dat aanvullend onderzoek nodig is.

Pagina 1 van 7123›»

Laatste nieuws

  • Sanering Japanse duizendknoopGeofoxx
    Hoe de sanering van Japanse duizendknoop langs de Drienerbeek wordt uitgevoerd13 juli 2026 - 11:24
  • als de data over microplastics nog geen antwoord geeft_Geofoxx
    Microplastics in de bodem: wat als onderzoek geen antwoord geeft?3 juli 2026 - 13:53
  • Asbestverontreiniging afgebakend voor toekomstige woningbouwGeofoxx
    Asbestverontreiniging afgebakend voor toekomstige woningbouw2 juli 2026 - 16:40
  • Microplastics in wadi's: de verborgen keerzijde van infiltratieGeofoxx
    Microplastics in wadi’s: de verborgen keerzijde van infiltratie30 juni 2026 - 14:15
  • quickscan vroeg in proces aanvragen_GeofoxxGeofoxx
    Waarom het slim is om een quickscan vroeg in het proces aan te vragen 29 juni 2026 - 10:09
  • stage_onbekend onderwerp waardevolle onderzoeksresultaten_GeofoxxGeofoxx
    Van onbekend onderwerp naar waardevolle onderzoeksresultaten23 juni 2026 - 09:46
Heb je een vraag

Actueel

Hoe de sanering van Japanse duizendknoop langs de Drienerbeek wordt uitgevoerd

13 juli 2026/door KarinSmulders

Microplastics in de bodem: wat als onderzoek geen antwoord geeft?

3 juli 2026/door KarinSmulders

Asbestverontreiniging afgebakend voor toekomstige woningbouw

2 juli 2026/door KarinSmulders

Microplastics in wadi’s: de verborgen keerzijde van infiltratie

30 juni 2026/door KarinSmulders
Meer weten?
Neem contact met ons op

© Copyright – Geofoxx

Algemene voorwaarden | Privacy beleid | Login

  • LinkedIn
  • Youtube

Scroll naar bovenzijde