Microplastics in de Arnhemse bodem: vooruitdenken en handelen
Wat kun je leren van Arnhem?
De gemeente Arnhem wil weten wat er in de bodem zit om mogelijke maatregelen te kunnen afwegen. De gemeente Arnhem kiest ervoor om niet af te wachten tot het Rijk met regelgeving komt voor microplastics en andere opkomende stoffen in de bodem. Geofoxx brengt in Arnhem de verspreiding van deze stoffen actief in kaart. Ook andere gemeenten staan voor dezelfde keuze. Die keuze is niet vrijblijvend: deze deeltjes zijn een groeiend milieuprobleem, met bronnen die variëren van autobanden tot puingranulaat en atmosferische depositie. Vooral autobanden blijken een belangrijke bron van microplastics in Nederland.
Wat zijn microplastics en waarom zijn ze relevant?
Microplastics zijn kleine deeltjes en vezels van allerlei soorten plastics, doorgaans tussen 1 µm en 5.000 µm.
Recent onderzoek toont aan dat microplastics niet alleen in water en bodem voorkomen, maar ook in voedsel en zelfs in het menselijk lichaam. Hogere concentraties microplastics in de bodem kunnen leiden tot een toename van de pH en een afname van het watervasthoudend vermogen. Dat heeft gevolgen voor de vitaliteit van de bodem en de kwaliteit van ons water.
Meten, analyseren, duiden
In opdracht van de gemeente Arnhem voeren we al jaren onderzoek uit naar microplastics, met speciale aandacht voor infiltratievoorzieningen zoals wadi’s, infiltratievijvers en retentievijvers. Daarbij worden verschillende analysetechnieken toegepast, waaronder Pyro-GC-MS en FTIR. Deze methoden maken het mogelijk om polymeren zoals ABS, PE, PP, PVC, PA6 en PA66 te meten. Met deze methoden kunnen we exact bepalen welke soorten plastic aanwezig zijn
Uit de resultaten blijkt dat polypropyleen dominant aanwezig is in het (grond)water, mogelijk door het lage soortelijk gewicht. Ook weekmakers uit autobanden worden aangetroffen. Recent aangelegde wadi’s zijn volgens verwachting schoon, maar oudere locaties laten een duidelijke belasting zien. De resultaten roepen bredere vragen op over stedelijke inrichting.
Klimaatadaptatie versus bodemkwaliteit
Microplastics en bijbehorende ZZS (zeer zorgwekkende stoffen) dwingen steden na te denken over de inrichting van de stad. Instrumenten uit de Strategie Klimaatadaptatie, zoals wadi’s en infiltratievoorzieningen, kunnen onbedoeld bijdragen aan verspreiding van microplastics. Als gemeente sta je voor een lastige afweging: hoe combineer je klimaatbestendige maatregelen met bescherming van bodem en water? Ook jouw gemeente staat voor die afweging.
Juridische en maatschappelijke vragen
Juridisch gezien is het nog onduidelijk hoe verontreiniging met microplastics onder de Omgevingswet, KRW en het Besluit bodemkwaliteit geduid moeten worden. Voor gemeenten betekent dat, dat beleid en handhaving achterlopen op de technische werkelijkheid. Gemeenten hebben een zorgplicht, maar de invulling daarvan is nog onduidelijk. Ook de Europese Soil Monitoring Law biedt nog weinig houvast. Het is lastig te bepalen welke stappen gemeenten nu kunnen zetten. Hoe informeer je burgers en omwonenden, en welke maatregelen zijn realistisch?
Wat kun je doen?
Wat kun je als gemeente nu al doen? De gemeente Arnhem en Geofoxx werken aan concrete handelingsperspectieven voornamelijk gericht op preventie, zoals:
- Voorkomen dat wadi’s worden gecombineerd met kinderspeelplaatsen
- Terughoudendheid met afkoppelen in grondwaterbeschermingsgebieden
- Onderzoek naar natuurlijke afbraak van microplastics
- Onderzoeken en testen van praktische interventies zoals een absorptie matras
- Monitoring van weekmakers en microplastics in bodem en water
- Kennisdeling en samenwerking met andere gemeenten en omgevingsdiensten
Zo ontstaat een lerende aanpak in plaats van afwachten.
Wat missen we nog?
Hoewel Arnhem en Geofoxx vooroplopen in het onderzoek naar microplastics, blijven er veel vragen open. Hoe gedragen deze deeltjes zich op de lange termijn in verschillende bodemsoorten? En welke stoffen vormen samen (combi-toxiteit) het grootste risico voor mens en milieu? De analysemethoden worden steeds beter, maar de interpretatie van resultaten en het beleid houden nog geen gelijke tred.
Er is behoefte aan landelijke kaders en gedeelde normen. Tot die er zijn, bieden lokale initiatieven zoals in Arnhem waardevolle inzichten. Door zelf te meten en resultaten te delen, bouwen gemeenten samen aan kennis die nodig is om gericht te kunnen handelen.
Van inzicht naar handelen
Microplastics zijn geen ver-van-je-bed probleem, maar een zichtbaar onderdeel van onze leefomgeving. Ze beïnvloeden bodem, water en mogelijk ook gezondheid. Arnhem laat zien dat je als gemeente niet hoeft te wachten op landelijke regels om stappen te zetten. Door gericht te meten, te vergelijken en te leren, ontstaat inzicht dat direct toepasbaar is in beleid en ontwerp.
De uitdaging ligt in het vinden van balans: tussen klimaatbestendige maatregelen en bescherming van bodemkwaliteit. Tussen circulaire ambities en reële risico’s. Juist die afweging vraagt om kennis, samenwerking en transparantie.
Samen kennis omzetten in actie
Wil je als gemeente of organisatie aan de slag met microplastics? Begin met meten, delen en duiden. Geofoxx helpt om meetgegevens te vertalen naar beleid, ontwerp en concrete maatregelen. Zo ontstaat een aanpak die verder gaat dan symptoombestrijding: gericht op begrip, preventie en verbetering van de leefomgeving.
Meer weten?
Wil je weten wat er in jouw bodem speelt of hoe je microplastics kunt meenemen in beleid en ontwerp? Sluit je dan aan. Samen komen we verder.
We onderzoeken, duiden en begeleiden zodat jij onderbouwde keuzes kunt maken voor een gezonde leefomgeving.

Geofoxx
Geofoxx
Geofoxx
Geofoxx
Microplastics kunnen op diverse manieren in de bodem terecht komen. Microplastics worden als zodanig geproduceerd voor het gebruik in bijvoorbeeld cosmetische producten en schoonmaakmiddelen (primaire microplastics). Microplastics kunnen ook ontstaan door de afbraak van plastics in kleinere deeltjes (secundaire microplastics). De bronnen voor microplastics zijn divers, bijvoorbeeld vanwege de afbraak van plastics in bermen, de slijtage van autobanden, het gebruik en wassen van synthetische kleding, stof in de lucht afkomstig van synthetische tapijten, landbouwplastics, toepassing van compost en nog veel meer.

