Geofoxx
  • Over ons
    • Wie is Geofoxx
    • Historie
    • Structuur en cultuur
    • Kwaliteitsborging
    • Duurzaamheid
  • Expertise
    • Expertisegebieden
    • Kennis
  • Nieuws
    • Actueel
    • Magazine
  • Werken bij Geofoxx
  • Contact
    • Adres en contact
    • Schrijf je in voor de nieuwsbrief
  • Zoek
  • Menu Menu

PFAS bij grondverzet

10 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

PFAS kan grote invloed hebben op grondverzet. Zodra grond vrijkomt bij bouw-, infra- of gebiedsontwikkelingsprojecten ontstaat de vraag of deze grond kan worden hergebruikt, verplaatst of afgevoerd.

De aanwezigheid van PFAS hoeft een project niet onmogelijk te maken, maar kan wel gevolgen hebben voor grondstromen, planning, kosten en toepassingsmogelijkheden.
Daarom is het belangrijk om vroegtijdig inzicht te krijgen in de aanwezigheid van PFAS en de gevolgen daarvan voor het grondverzet.

 

Waarom speelt PFAS een belangrijke rol bij grondverzet?

PFAS komt op veel plaatsen in Nederland voor. Soms is sprake van een lokale bron, maar PFAS kan ook aanwezig zijn als gevolg van diffuse verspreiding.
Wanneer grond vrijkomt, moet worden beoordeeld welke kwaliteit deze heeft en onder welke voorwaarden de grond mag worden toegepast of hergebruikt.
PFAS is daarbij vaak een bepalende en een beperkende factor.

 

Wanneer is PFAS-onderzoek nodig?

Onderzoek naar PFAS bij grondverzet wordt vaak uitgevoerd bij:

  • woningbouwprojecten;
  • infrastructurele werkzaamheden;
  • aanleg van kabels en leidingen;
  • gebiedsontwikkelingen;
  • natuurontwikkeling
  • bodemsaneringen;
  • water- en klimaatprojecten;
  • tijdelijke gronddepots.

Ook wanneer grond buiten het projectgebied wordt toegepast of afgevoerd, kan aanvullend PFAS-onderzoek noodzakelijk zijn.

 

Wat onderzoeken we?

Bij PFAS-onderzoek voor grondverzet onderzoeken we onder andere:

  • de aanwezigheid van PFAS in de bodem;
  • de concentraties van relevante PFAS-verbindingen;
  • de kwaliteit van vrijkomende grond;
  • toepassingsmogelijkheden van grondstromen;
  • eventuele beperkingen voor hergebruik of afvoer.

Afhankelijk van de situatie kan aanvullend onderzoek nodig zijn naar grondwater, waterbodems of specifieke PFAS-bronnen.

 

Wat betekenen de resultaten?

De aanwezigheid van PFAS betekent niet automatisch dat grond moet worden afgevoerd.

Vaak zijn verschillende vormen van hergebruik of toepassing mogelijk. De mogelijkheden hangen af van de kwaliteit van de grond, de ontvangende locatie en de geldende regels.

De resultaten geven inzicht in vragen zoals:

  • Kan de grond binnen het project worden hergebruikt?
  • Kan de grond elders worden toegepast?
  • Zijn aanvullende onderzoeken nodig?
  • Welke voorwaarden gelden voor transport of verwerking?
  • Wat betekent dit voor planning en kosten?

Daarbij kijken we niet alleen naar de aanwezigheid van PFAS, maar vooral naar de praktische mogelijkheden voor uitvoering. Het doel is om inzichtelijk te maken welke grondstromen mogelijk zijn en hoe projecten efficiënt kunnen worden gerealiseerd.

 

Voorkom verrassingen tijdens de uitvoering

PFAS-vraagstukken komen vaak pas naar voren wanneer werkzaamheden al zijn voorbereid of gestart. Dat kan leiden tot vertraging, extra onderzoeken en hogere kosten.

Door PFAS vroeg in het project mee te nemen ontstaat eerder duidelijkheid over de mogelijkheden voor grondverzet en kunnen grondstromen efficiënter worden georganiseerd.

 

Hergebruik waar mogelijk

Binnen veel projecten ligt de uitdaging niet alleen in het voldoen aan regelgeving, maar ook in het verantwoord omgaan met vrijkomende grond.

Daarom kijken we naar wat wél mogelijk is. Door bodemkwaliteit, toepassingsmogelijkheden en gebiedskenmerken samen te beoordelen, zoeken we naar oplossingen waarbij grond zo veel mogelijk binnen het project of de regio behouden kan blijven.

Zo draagt PFAS-onderzoek niet alleen bij aan naleving van regelgeving, maar ook aan een circulaire omgang met grondstoffen en een toekomstbestendige leefomgeving.

Grondverzet

10 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

Bij bouw-, infra- en gebiedsontwikkelingsprojecten komt vaak grond (of baggerspecie) vrij. Die grond wil je het liefst opnieuw gebruiken, binnen of buiten het project. Maar voordat dat kan, moet duidelijk zijn welke kwaliteit de grond heeft en welke regels van toepassing zijn.

Grondverzet gaat over het ontgraven, verplaatsen, toepassen en hergebruiken van grond. Daarbij spelen bodemkwaliteit, wet- en regelgeving, planning en uitvoerbaarheid een belangrijke rol.

 

Wanneer krijg je te maken met grondverzet?

Grondverzet speelt onder andere bij:

  • woningbouwprojecten;
  • aanleg of reconstructie van infrastructuur;
  • bedrijventerreinen;
  • water- en klimaatprojecten;
  • natuurontwikkeling
  • aanleg van kabels en leidingen;
  • bodemsaneringen;
  • herinrichting van de openbare ruimte.

Zodra grond vrijkomt of wordt toegepast, moet worden beoordeeld welke mogelijkheden er zijn voor hergebruik en welke voorwaarden daarbij gelden.

 

Welke informatie is nodig?

Om te bepalen wat mogelijk is met vrijkomende grond, is inzicht nodig in de kwaliteit van de bodem.

Afhankelijk van de situatie kan dat bestaan uit:

  • historisch bodemonderzoek;
  • verkennend bodemonderzoek;
  • PFAS-onderzoek;
  • partijkeuringen;
  • waterbodemonderzoek;
  • onderzoek naar asbest in de bodem.

De benodigde onderzoeken hangen af van de herkomst van de grond, de hoeveelheid en de locatie waar de grond wordt toegepast.

 

Hergebruik als uitgangspunt

Grond kan een waardevolle grondstof zijn. Daarom kijken we altijd eerst naar de mogelijkheden voor verantwoord hergebruik.
Hergebruik binnen hetzelfde project of binnen de regio kan transportbewegingen beperken, kosten verlagen en bijdragen aan een circulaire omgang met grondstoffen.
Daarbij is het belangrijk dat de kwaliteit van de grond past bij de locatie waar deze wordt toegepast.

 

Wat betekenen de regels voor jouw project?

Wet- en regelgeving rondom grondverzet is voortdurend in ontwikkeling. Daarbij spelen onder andere de bodemkwaliteit, toepassingslocatie, milieubelasting en meldings- en informatieplichten een rol.

De praktische vragen zijn vaak:

  • Mag de grond worden hergebruikt?
  • Waar mag de grond worden toegepast?
  • Is aanvullend onderzoek nodig?
  • Zijn meldingen of vergunningen vereist?
  • Wat betekent dit voor planning en kosten?

Door deze vragen vroegtijdig te beantwoorden voorkom je vertraging tijdens de uitvoering.

 

Meer dan bodemkwaliteit: is de bodem ook geschikt?

Bij grondverzet draait het niet alleen om wat volgens de regels mag. Minstens zo belangrijk is de vraag of de bodem geschikt is voor de functie die zij moet vervullen.

Een bodem kan voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen, maar daarmee is nog niet automatisch sprake van een goed functionerende bodem. Daarom kijken we ook naar eigenschappen die bepalend zijn voor het toekomstige gebruik van een locatie.

Denk bijvoorbeeld aan vragen als:

  • Kan deze grond bijdragen aan een klimaatbestendige wijk?
  • Is de bodem geschikt voor bomen, groenvoorzieningen of stedelijke natuur?
  • Welke rol speelt het gehalte aan organische stof voor de toekomstige functie?
  • Wat is de civieltechnische kwaliteit (zand voor zandbed of ophoging) en daarmee de verdichtingsmogelijkheden en de doorlaatbaarheid
  • Hoe voorkom je bodemverdichting tijdens de uitvoering van het werk?

Door bodemgeschiktheid mee te nemen in het grondverzet ontstaan oplossingen die niet alleen voldoen aan wet- en regelgeving, maar ook bijdragen aan een duurzame en toekomstbestendige inrichting van de leefomgeving.

 

Van grondstroom naar gebiedsopgave

Grondverzet gaat niet alleen over het verplaatsen van grond van A naar B. De keuzes die je maakt hebben invloed op kosten, duurzaamheid, transportbewegingen en de kwaliteit van de leefomgeving.

Daarom kijken we verder dan de afzonderlijke partij grond. We brengen de mogelijkheden voor hergebruik, verwerking en toepassing in beeld en zoeken naar oplossingen die passen binnen het project én de omgeving.

Zo ontstaat een aanpak waarbij bodemkwaliteit, bodemgeschiktheid, uitvoerbaarheid en circulair handelen samenkomen.

Partijkeuringen

10 juli 2026/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

Grond, baggerspecie of bouwstoffen die vrijkomen bij werkzaamheden vertegenwoordigen vaak positieve, dan wel negatieve waarde. Maar voordat deze materialen kunnen worden toegepast of afgevoerd, moet duidelijk zijn welke kwaliteit ze hebben.

Lees meer

Staalslakken

28 oktober 2025/in Kennisregister/door KarinSmulders

Staalslak is een steenachtig bijproduct van de staalproductie dat lange tijd is ingezet en vallen onder het Besluit bodemkwaliteit als niet-vormgegeven bouwstof. Nieuwe informatie uit RIVM-rapporten, ILT-signaalrapportages en Woo-verzoeken toont aan dat toepassing van staalslakken op veel locaties leidt tot milieuschade.

Omgevingswet en het Besluit Activiteiten Leefomgeving (BAL)

11 juli 2024/in Kennisregister/door KarinSmulders

Onder de Omgevingswet wordt onderscheid gemaakt tussen graven en saneren. Dit onderscheid dient te verduidelijken dat ‘saneren’ expliciet gericht is op het realiseren van een schonere bodem en ‘graven’ gekoppeld is aan een activiteit waarvoor grond tijdelijk dient te worden uitgenomen of te worden afgevoerd. Bij graven is er dus sprake van projectmatig grondverzet. De begrenzing van de graafwerkzaamheden wordt bepaald door de contouren van een activiteit. Voor graven in grond boven de interventiewaarde was onder de Wbb een BUS-melding of saneringsplan nodig, waarmee het bevoegd gezag moest instemmen, dan wel een beschikking op moest afgeven. Onder de Omgevingswet is voor graven geen vergunning meer nodig, wel geldt een informatieplicht, soms gecombineerd met een meldingsplicht. De milieubelastende activiteit bepaalt welke verplichting geldt en welke informatie en gegevens en/of bescheiden voorafgaand aan de activiteit dienen te worden aangeleverd.

Melding en informatieplicht
Voor de milieubelastende activiteit, graven in grond met een kwaliteit boven de interventiewaarde, geldt zowel een informatie- als een meldingsplicht.

De graafwerkzaamheden dienen ten minste vier weken voor de start van de werkzaamheden te worden gemeld aan het bevoegd gezag.

Meldingsplicht
Vier weken voor de start van de activiteiten onder paragraaf 4.120 van het BAL dient een melding te worden gedaan in het Digitaal Stelsel Omgevingswet (verder te noemen DSO). De melding dient de volgende gegevens te bevatten:

  • de uitgevoerde (bodem)onderzoeken;
  • gegevens over de ontgraving, aangeduid op een kaart, inclusief dwarsprofiel;
  • het bodemvolume (m3) waarbinnen de activiteit wordt verricht;
  • de te verwachten hoeveelheid terug te plaatse grond (m3);
  • de te verwachten hoeveelheid af te voeren grond (m3).

Informatieplicht
Ten minste 4 weken voor het begin van de activiteit verstrekt de initiatiefnemer via het DSO de volgende gegevens en bescheiden:

  • de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht;
  • de verwachte startdatum van de activiteit;
  • de verwachte duur van de activiteit;
  • de aanleiding en het doel van de activiteit.

Minimaal 1 week voor het begin van de activiteit verstrekt de initiatiefnemer de volgende gegevens en bescheiden:

  • naam en adres van de BRL SIKB 7000 erkende aannemer);
  • Wie de milieukundige begeleiding verricht (naam en adres, zowel van de volgens de BRL SIKB 6000 erkende onderneming als van de persoon).

Ten hoogste 1 week na het beëindigen van de activiteit verstrekt de initiatiefnemer de gegevens en bescheiden zoals vermeld in artikel 4.1234 van het Bal:

  • de datum van de beëindiging van de activiteit;
  • aangezien er sprake is van milieukundige begeleiding dienen aanvullend de volgende gegevens worden toegevoegd:
    • Gegevens over de ontgraving aangeduid op een kaart en op een dwarsprofiel;
    • De bestemming van de grond die is afgevoerd;
    • Bijzondere omstandigheden die zich hebben voorgedaan.

Toepassing van grondstoffen: (her)gebruik en verbruik

11 juli 2024/in Kennisregister/door KarinSmulders

In het streven naar vooruitgang, ondernemen en produceren, gaan praktisch nut en duurzame benutting tegenwoordig vaak hand in hand. Zo richten onze bodemadviseurs zich op de ‘Effectieve en natuurlijke toepassing van (delf)stoffen in relatie tot (her)gebruik en verbruik’.

De dynamische wereld van grondstromen is voor ons dan ook een belangrijk speelveld.
Denk daarbij aan vragen als:

  • waar komen welke materialen vrij?
  • waar en hoe zijn deze toepasbaar?
  • wat zijn alternatieven?
  • wat zijn randvoorwaarden?

Enerzijds worden deze vragen vaak ingegeven door ruimtelijke ontwikkeling.

  • hergebruiksonderzoeken
  • asfalt- en verhardingsonderzoeken

Anderzijds is het ook relevant en lonend om de stromen van materialen inzichtelijk te maken in ketens en schema’s, om afstemming en optimalisatie van deze stromen te bereiken, en om alternatieve materialen en mogelijkheden te verkennen.

Bijvoorbeeld bij

  • een milieustraat
  • gemeentewerf
  • grondbank.

Het is onze ambitie om dit grondstromenmanagement op unieke wijze te ontwikkelen en in te zetten, waarbij wij adviseren vanuit de breedst mogelijke context.

DNA onderzoek

11 juli 2024/in Kennisregister/door KarinSmulders

Het zijn uitdagende tijden! Virusuitbraken en bacteriologische plagen, strafrechtelijke onderzoeken naar drugsdumpingen en de aankomende bodemgezondheidswet. Verschillende trajecten maar de overeenkomst is dat milieukundig DNA-onderzoek een belangrijke basis vormt of zal vormen om tot resultaat te komen. Geofoxx heeft bij tal van onderzoeken in bodem, water en lucht ervaring opgedaan met milieukundig DNA-onderzoek. Wilt u de (water)bodem biodiversiteit in beeld hebben? Onderzoek doen naar pathogenen in grond of water? Of beoordelen of er invasieve exoten in uw gebied aanwezig zijn? Informeer naar onze expertise en mogelijkheden!

Microplastics

11 juli 2024/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

 

Microplastics in bodem en water

Microplastics worden steeds vaker aangetroffen in bodem, grondwater, oppervlaktewater, waterbodems en sediment. Ze zijn inmiddels verspreid over vrijwel de hele leefomgeving: van stedelijke gebieden en landbouwgronden tot natuurgebieden en watersystemen.

Daardoor groeit de behoefte aan inzicht. Waar komen microplastics vandaan? Hoe verspreiden ze zich? En wat betekenen ze voor bodemkwaliteit, waterbeheer en ecosystemen?

 

Wat zijn microplastics?

Microplastics zijn kleine kunststofdeeltjes kleiner dan 5 millimeter. Ze ontstaan doordat grotere plastic producten langzaam uiteenvallen, maar kunnen ook direct als kleine deeltjes in het milieu terechtkomen.

Bronnen van microplastics zijn onder andere:

  • bandenslijtage;
  • kunststof verpakkingen;
  • kunstgras en rubbergranulaat;
  • synthetische kledingvezels;
  • bouwmaterialen;
  • industriële toepassingen.

Via regenwater, wind, afstroming en rioolsystemen verspreiden deze deeltjes zich door bodem- en watersystemen.

 

Waarom krijgen microplastics zoveel aandacht?

Microplastics breken zeer langzaam af en kunnen zich ophopen in bodem en water.

Uit onderzoek blijkt dat microplastics invloed kunnen hebben op bodemleven, waterorganismen en ecosystemen. Daarnaast kunnen kunststofdeeltjes andere stoffen aan zich binden en zo bijdragen aan de verspreiding van verontreinigingen.

Hoewel nog niet alle effecten volledig bekend zijn, groeit wereldwijd de aandacht voor de mogelijke gevolgen van microplastics voor de kwaliteit van bodem, water en biodiversiteit.

 

Waar komen microplastics voor?

Microplastics worden tegenwoordig op veel verschillende locaties aangetroffen.

Denk aan:

  • landbouwgronden;
  • stedelijke bodems;
  • wadi’s en infiltratievoorzieningen;
  • sloten, vijvers en watergangen;
  • oppervlaktewater;
  • waterbodems en sediment;
  • locaties langs wegen en verkeersaders.

De aanwezigheid van microplastics hangt vaak samen met menselijke activiteiten, waterstromen en de inrichting van een gebied.

 

Wat onderzoeken we?

Wij onderzoeken de aanwezigheid en verspreiding van microplastics in:

  • bodem;
  • grondwater;
  • oppervlaktewater;
  • waterbodems;
  • slib en sediment.

Daarnaast onderzoeken we stoffen die samenhangen met kunststof toepassingen, zoals weekmakers, additieven en metalen die aan kunststofdeeltjes kunnen zijn gebonden.

Door deze gegevens te combineren ontstaat een beter beeld van bronnen, verspreidingsroutes en mogelijke effecten binnen een gebied.

 

Microplastics als onderdeel van een groter systeem

Microplastics staan niet op zichzelf. Ze maken onderdeel uit van bredere vraagstukken rondom verontreinigingen, klimaatadaptatie, waterbeheer en circulair handelen.

Juist op plekken waar water, bodem en menselijke activiteiten samenkomen kunnen microplastics zich ophopen of verder verspreiden.

Daarom kijken we niet alleen naar de aanwezigheid van kunststofdeeltjes, maar ook naar de relatie met bodemkwaliteit, waterstromen en de inrichting van de leefomgeving.

 

Een vraagstuk dat zich blijft ontwikkelen

Microplastics behoren tot de groep opkomende verontreinigingen. Nieuwe onderzoeksmethoden leveren voortdurend meer kennis op over bronnen, verspreiding en effecten.

Door ontwikkelingen actief te volgen en onderzoek uit te voeren ontstaat steeds meer inzicht in de rol van microplastics binnen bodem- en watersystemen.

Zo dragen we bij aan een beter begrip van een milieuvraagstuk dat de komende jaren alleen maar relevanter zal worden.

Chroom-6 inventarisatie

18 januari 2024/in Kennisregister/door KarinSmulders

Begin 20e eeuw begonnen de eerste onderzoeken naar chroomhoudende werkplekken. Hierbij werd de schadelijke variant chroom-6 ontdekt, waarna chroom-6 in 1980 werd geclassificeerd als kankerverwekkende stof. Tot die tijd werd de stof vooral in de verfindustrie tussen de jaren 1960 en 1980 veelvuldig toegepast. Van een verbod was in 1980 echter nog geen sprake.

Pas vanaf 1994 nam het gebruik af. De verkoop van chroom-6 houdende verf aan consumenten is sinds 1994 dan ook verboden.

Toepassing en gezondheidsrisico’s

Chroom-6 werd in verf verwerkt voor een goede hechting op metalen (primer), als corrosie werend middel en als pigment. Denk vooral aan metalen constructies als kunstwerken, defensiebouwwerken en –materieel, spoorwegvoorzieningen, de lucht- en scheepvaart.

Ook kan chroom-6 zijn toegepast ter conservering van hout en kan het worden aangetroffen in bijvoorbeeld cement, cosmetica, speelgoed en leer.

Bij fysieke bewerking, zoals boren, slijpen en zagen van chroom-6 houdende materialen kan de grenswaarde voor blootstelling van werknemers (0,001 mg/m3) worden overschreden, waardoor gezondheidsrisico’s toenemen.

Gezondheidsproblemen die door chroom-6 kunnen ontstaan zijn onder andere een verzwakt immuunsysteem, nier- en leverschade, aantasting van het DNA en longkanker. Uiteindelijk kan dit leiden tot de dood. Via inademen, eten, drinken en via de huid kan men worden blootgesteld.

Chroom-6 in ons milieu

Gevolg van de grootschalige toepassingen in het verleden is dat de stof ook in ons milieu terecht is gekomen. Met name ter plaatse van (voormalige) chemische, leer-, textiel- en metaalindustrie en op locaties waar chroom-6 houdende verven zijn toegepast kunnen verhoogde concentraties chroom-6 worden aangetroffen in de bodem en in de lucht.

Chroom-6 inventarisatie

Het doel van een chroom-6 inventarisatie is om vast te stellen of er chroom-6 houdende materialen in een bouwwerk of object zijn toegepast. In bijbehorende rapportage wordt vervolgens geadviseerd hoe eventueel aanwezige chroom-6 houdende materialen conform vigerende wet- en regelgeving op verantwoorde wijze kunnen worden verwijderd en afgevoerd.

Geofoxx is gecertificeerd voor het uitvoeren van asbestinventarisaties conform het Werkveldspecifiek certificatieschema voor het Procescertificaat Asbestinventarisatie en Asbestverwijdering. Voor het uitvoeren van een chroom-6 inventarisatie geldt vooralsnog geen certificatieplicht. De uitvoering hiervan, waaronder monstername met gebruik van de juiste PBM’s en emissiebeperkende maatregelen, is echter in lijn met de stringente eisen die worden gesteld aan het uitvoeren van asbestinventarisaties. Chroom-6 inventarisaties worden binnen Geofoxx daarom altijd uitgevoerd door een gecertificeerd inspecteur deskundig inventariseerder asbest (DIA).

Sneltest

Met het blote oog is niet waarneembaar of al dan niet chroom-6 is toegepast. Middels een sneltest op locatie kan direct al indicatief worden vastgesteld of verdachte materialen waarschijnlijk chroom-6 bevatten. Indien deze test een positieve uitslag geeft kan een monster worden genomen die ter analyse wordt aangeboden aan een onafhankelijk, door de Raad voor Accreditatie geaccrediteerd. Dit laboratorium stelt eenduidig vast of er al dan niet chroom-6 is toegepast in het bemonsterde materiaal.

Na sanering dient alle chroom-6 houdend afval te worden afgevoerd naar een hiertoe erkende be-/verwerker.

De ontwikkelingen omtrent onderzoeks- en analysemethoden van chroom-6 zijn de afgelopen jaren in een stroomversnelling geraakt. Ook zijn in de loop der jaren diverse leidraden en richtlijnen over chroom-6 gepubliceerd.

Wij volgen de ontwikkelingen nauwgezet.

Visuele inspectie (schouw)

27 januari 2023/in Bodem, Kennisregister/door KarinSmulders

Geofoxx kan, op projectniveau, een globale visuele inspectie verzorgen; snel en efficiënt informatie verzamelen over de conditie van het wegennet conform CROW publicatie 146B. Denk hierbij aan inspecties voor netwerkplanningen, begrotingen en het vaststellen van nul-situaties. Een nul-situatie wordt uitgevoerd voorafgaand aan alle werkzaamheden van onze opdrachtgever. Vaak zijn dit GWW-aannemers. Een nul-situatie wordt vastgesteld wanneer wegen gaan dienen als transportroute bij een project. Op deze manier zorgen we voor een meting om de ‘nul-situatie’ met alle eventuele bestaande schades vast te leggen. Aan het einde van de werkzaamheden, als de weg niet meer als transportroute dient, wordt weer een inspectie uitgevoerd om de toegenomen schade vast te stellen.

Pagina 2 van 12‹1234›»

Laatste nieuws

  • Industriegebied saneren voor woonwijk_GeofoxxGeofoxx
    Bodemsanering voor woningbouw op voormalig industrieterrein1 oktober 2026 - 10:52
  • Bodemonderzoek voor rioolvervanging en herinrichting_GeofoxxGeofoxx
    Verkennend bodemonderzoek voor rioolvervanging en herinrichting openbare ruimte18 september 2026 - 11:49
  • Kun je bodemadviseur worden zonder bodemopleiding?_GeofoxxGeofoxx
    Bodemadviseur worden zonder bodemopleiding16 september 2026 - 12:38
  • voormalige kaslocatie geschikt voor overdracht_GeofoxxGeofoxx
    Verkennend bodemonderzoek bij voormalige kassen10 september 2026 - 14:57
  • Bodemonderzoek maakt risico’s bij grondtransactie inzichtelijkGeofoxx
    Bodemonderzoek maakt risico’s bij grondtransactie inzichtelijk8 september 2026 - 15:47
  • Bodemgezondheid meten. Hoe doe je dat in de praktijk_Geofoxx
    Bodemgezondheid meten aan de hand van het bodemleven3 september 2026 - 11:58
Heb je een vraag

Actueel

Bodemsanering voor woningbouw op voormalig industrieterrein

1 oktober 2026/door KarinSmulders

Verkennend bodemonderzoek voor rioolvervanging en herinrichting openbare ruimte

18 september 2026/door KarinSmulders

Bodemadviseur worden zonder bodemopleiding

16 september 2026/door KarinSmulders

Verkennend bodemonderzoek bij voormalige kassen

10 september 2026/door KarinSmulders
Meer weten?
Neem contact met ons op

© Copyright – Geofoxx

Algemene voorwaarden | Privacy beleid | Login

  • LinkedIn
  • Youtube

Scroll naar bovenzijde